Startpagina | Over deze site
U bevindt zich hier: Startpagina » Vertalingen » Afrikaans

C.J. Langenhoven - 1923

Die Rubáiyát van Omar Khayyám. Volgens die Engelse bewerking van Edward FitzGerald in Afrikaans oorgesit deur C.J. Langenhoven. [Kaapstad, Nasionale Pers Beperk, 1923]

Bevat de Engelse vertaling van FitzGerald op even pagina's, Langenhovens vertaling daarnaast op oneven pagina's. Later is de vertaling ook opgenomen in een verzamelwerk onder de titel: "Die pad van Suid-Afrika. Gesange in Afrikaans. Die Rubáiyát van Omar Khayyám". (5e dr., 1973)

Langenhoven (1873-1932) was als Zuid-Afrikaans schrijver en politicus voorvechter van het Afrikaans als ambtstaal en als eerste taal op scholen in plaats van het Nederlands. Een passage uit zijn bekendste werk "Die stem van Suid-Afrika" (1918), maakt deel uit van het Zuid-Afrikaanse volkslied.

Met zijn vertaling in het Afrikaans van de Rubáiyát had Langenhoven een duidelijk doel voor ogen: de 'soetvloeiende leer van ongeloof en wanhoops-wellus' is een 'getroue spieël [...] van die drifte en drange van ons liggaam en van die vertwyfelde versugtinge van ons gees onder die verborgenhede van die plan van ons bestaan'. Maar juist omdat deze gevoelens en begeertes zo duidelijk worden uitgestald en tot het uiterste worden gedreven, bevat dit alles ook zijn eigen reductio ad absurdum. 'Daar kom in ons op 'n oorweldigende terugslag; ons God-bewuste binneste siel verset hom. Nee, die Heelal het 'n ander doel! - Die Rubáiyát moet al baie godsloënaars en wellustelinge tot nadenking gebring het. En daarin die regvêrdiging van hierdie poginkie om hom 'n Afrikaanse kleed aan te trek'.

Kwatrijn XI

'n Snytjie Brood hier waar die Skaad'wees sprei,
'n Flessie Wyn, en 'n Gedig - en Jy
Hier by my om te sing in die Woestyn -
En die Woestyn is Paradys vir my.